Stichting WEBB

Meer over rivaliteit tussen kinderen in hetzelfde gezin

 

Aanvullingen bij hoofdstuk 9 van 'De begeleiding van hoogbegaafde kinderen'

 

Frank de Mink

 

In 'De begeleiding van hoogbegaafde kinderen' komen de volgende onderwerpen aan de orde:

  • geboortevolgorde;

  • speciale rollen in het gezin;

  • om wat concurreren uw kinderen?;

  • wees voorzichtig met vergelijkingen;

  • gelijke behandeling is iets anders dan iedereen gelijk;

  • goede en minder goede rolmodellen;

  • werken aan het gezinsevenwicht.

 

De win-win methode voor het hanteren van conflicten

 

Bij een belangenconflict tussen kinderen komt vaak de n als winnaar en de ander als verliezer uit de bus. Bij de verliezer kan dat leiden tot wrokgevoelens die de basis leggen voor een volgend conflict. Beter is het om conflicten zo te hanteren dat geen van de partijen zich verliezer hoeft te voelen. Dat kan bijvoorbeeld met de 'win-win'-methode. Hoogbegaafde kinderen snappen deze methode, die hieronder wordt beschreven, meestal heel snel en ze zien er de voordelen van in. Het gaat er voor beide partijen om te zorgen dat er niemand verliest, niemand zijn zin doordrijft, met andere woorden, dat beiden winnen. Deze methode is ook te gebruiken voor belangen­conflicten tussen ouders en kinderen. Voor waardenconflicten is deze methode niet geschikt.

 

De win-win-methode bestaat uit de volgende stappen:

      Fase 1: Beschrijf het probleem

      Fase 2: Zoek samen naar een lijst van voor beide partijen haalbare oplossingen.

      Fase 3: Evalueer de gevonden mogelijke oplossingen.

      Fase 4: Beslis samen welke oplossing de voor beide partijen beste is.

      Fase 5: Stel samen vast hoe de oplossing moet worden uitgevoerd en ingepast.

      Fase 6: Stel na enige tijd samen vast in welke mate de oplossing het probleem heeft opgelost.

 

Deze methode kunt u aan uw kinderen laten lezen en er over praten. Vooraf enkele algemene aanwijzingen:
• Neem een uurtje de tijd om met uw kinderen hieraan te werken; later zal het tijd besparen.
• Zorg dat uw kinderen deze aanpak niet ervaren als een manier om uw zin door te drijven.
   Dit doet u door actief te luisteren en serieus de behoeften van uw kinderen mee te nemen in de
   formulering van het probleem en het bedenken van oplossingen.
• Oefen de methode eerst met een beperkt en klein probleem.
• Zorg er voor om Ik-boodschappen te gebruiken, vermijd 'Jij-boodschappen'; dus zeg:
   "ik vind...", "ik voel....", zeg niet: "jij moet...", "jij hoort..."
• Pas de methode niet voor het eerst toe op een probleem dat alleen dwars zit.


Fase 1: Beschrijf het probleem, en wel zo dat het is geformuleerd in termen
die rekening houden met de behoeften van beide partijen

Met een goede formulering van de probleemsituatie ben je halverwege de oplossing. Het is belangrijk de situatie te beschrijven in termen die rekening houden met de behoeften van beide partijen. Formuleer het probleem als een verschil in behoeften, niet als met elkaar concurrerende oplossingen. Als alle partijen het eens zijn over de formulering van het probleem kunt u overgaan naar de volgende fase.


Fase 2: Zoek samen naar een lijst van voor beide partijen haalbare oplossingen

Vraag uw kinderen te beginnen met het bedenken van oplossingen. Ze mogen niet worden toegelicht of verdedigd, dat zou de snelheid eruit halen en een debat kunnen uitlokken over de argumenten; daarvoor is het nu nog niet het geschikte moment. Zorg dat uw kinderen en ook u niet aan het evalueren gaan in deze fase. Geef geen oordelen over de bedachte oplossingen, ook al komen die direct op in uw hoofd. Geef daarna zelf suggesties voor oplossingen en vraag van uw kinderen om die nog niet direct te veroordelen. Zoek vervolgens samen verder naar nieuwe oplossingen. Maak een lange lijst van mogelijke oplossingen, dat wil zeggen: mogelijk volgens uw kinderen of volgens u, ook al kan een ander ze als onmogelijk ervaren. Laat ook gekke oplossingen toe die misschien niet uitvoerbaar zijn, maar wel helpen om op nieuwe ideen te komen. Schrijf alle voorgestelde oplossingen op. Vraag steeds opnieuw: "Welke andere oplossingen zouden we kunnen bedenken?"
Zoek naar combinaties van oplossingen, zoek naar aanpassingen die reeds bedachte oplossingen beter bruikbaar maken, zoek naar tijdelijke oplossingen die hun kwaliteit nog moeten bewijzen. De bedoeling van deze fase is om een vrolijke creatieve stemming teweeg te brengen.


Fase 3: Evalueer de gevonden mogelijke oplossingen

Pas in deze fase wordt gekeken naar de kwaliteit van de voorgestelde oplossingen. De eerste vraag is nu: zijn er oplossingen bij die onze voorkeur hebben? Welke oplossingen vinden we echt slecht? Voer alle oplossingen die slecht gevonden worden door n van de partijen af van de lijst. Ook oplossingen die onaanvaardbaar vindt verdwijnen gewoon van de lijst. Daar hoeven geen argumenten voor te worden geleverd. Argumenten leveren mag natuurlijk wel, mits er geen uitgebreide discussies over ontstaan. Aarzel niet om uw eigen voorkeur en opvattingen naar voren te brengen. U hoeft elkaar niet van de argumenten te overtuigen, u zoekt samen naar een oplossing die rekening houdt met alle behoeften. Neem hiervoor rustig de tijd en zorg dat alle argumenten over tafel komen


Fase 4: Beslis samen welke oplossing de voor beide partijen beste is

Als fase 1, 2 en 3 zorgvuldig doorlopen zijn, zal fase 4 niet zo moeilijk zijn als nu misschien lijkt. In de meeste gevallen komt de beste oplossing geleidelijk naar voren, en praat u over de andere voorstellen om de al opdoemende beste oplossingen te versterken. Bijna altijd zijn er meer geschikte oplossingen volgens alle betrokkenen. Dat komt doordat behoeften en zorgen op verschillende manieren kunnen worden vervuld, en omdat alle creativiteit is ingeschakeld. Het conflict spitste zich toe omdat u of n van uw kinderen naar een bepaalde oplossing keek en die afwees of als enige oplossing zag. Vermijd bij meer partijen om te gaan stemmen over de beste oplossing, want dan kan een partij in de knel komen. Wel kunt u voorstellen om te kiezen voor een oplossing waartegen niemand zwaarwegende bezwaren heeft. Niet iedereen hoeft vr de oplossing te zijn, maar een gekozen oplossing mag nooit de bezwaren van een andere partij negeren.
Houd de gekozen beste oplossing tegen het licht door er elkaar vragen over te stellen: "Wat zou er gebeuren als we deze oplossing kiezen?" of "Zou iedereen er tevreden over zijn?" Ook uitdagen van de oplossing is wenselijk: "Wat zou er fout kunnen gaan?" of "Wat zijn de zwakke punten van deze oplossing?" U en uw kinderen weten dat deze vragen gesteld gaan worden, dus u hoeft niet vooraf een oplossing te verwerpen vanwege een zwak punt.


Fase 5: Stel samen vast hoe de oplossing moet worden uitgevoerd en ingepast

Een goede oplossing is afhankelijk van de uitvoering, een zwakke oplossing kan door een zorgvuldige uitvoering winnen aan belang. Stel elkaar de volgende vragen:
• Wat moeten we doen om te beginnen (met de uitvoering van de gekozen oplossing)?
• Wie gaat er wat doen?
• Welke activiteiten zijn vervolgens nodig, en wie controleert of ze uitgevoerd zijn zoals de bedoeling was?

Schrijf bij ingewikkelde problemen precies op wat er gedaan moet worden, zodat daarover geen onenigheid kan ontstaan. Spreek af wanneer fase 6 kan plaatsvinden.


Fase 6: Stel na enige tijd samen vast in welke mate de gekozen oplossing
het probleem heeft opgelost

Deze fase is niet altijd nodig, maar wel aan te bevelen bij de eerste keren dat de procedure wordt gevolgd om het vertrouwen in de win-win-methode te versterken. Het gaat hier om de volgende vragen:
• Is het probleem verdwenen?
• Was het een goede oplossing?
• Zijn we nog steeds gelukkig met de gekozen oplossing?
• Zijn er nieuwe problemen ontstaan door de gekozen oplossing?
• Hebben we de win-win-methode goed toegepast?

Deze fase is bedoeld om terug te kijken en de zaak voor afgerond te verklaren.
Als vervolg kunnen we onze kinderen vragen te letten op situaties met andere kinderen of volwassenen waarin de win-win-methode toepasbaar is, of misschien een stukje van de methode. Zo kan het zoeken naar een oplossing waar niemand tegen is, in plaats van n waar iedereen voor is, op tal van plaatsen een geschikte procedure zijn als een groep kinderen verschillende dingen tegelijk wil doen en moet kiezen. Ook is het uitstellen van het oordeel en samen zoeken naar oplossingen is iets wat steeds nuttig is om te oefenen.

vorige   overzicht   volgende